Skip to article frontmatterSkip to article content
Site not loading correctly?

This may be due to an incorrect BASE_URL configuration. See the MyST Documentation for reference.

Koelen van metalen buizen

Introductie

In het boek wordt in hoofdstuk 2 geschreven over warmtetransport. Dat kan op drie manieren plaatsvinden. Het is niet eenvoudig om deze drie verschillende vormen uit elkaar te houden. In het vak ‘Fysische Transportverschijnselen’, dat in het tweede jaar wordt gegeven, zal je zien dat de natuurkunde achter deze verschillende vormen van warmtetransport ook best ingewikkeld is.

Convectie, straling, geleiding.

In deze proef proberen we een inschatting te maken van de ordegrootte van de verschillende vormen van warmtetransport bij de koeling van een metalen buis aan lucht.

Theorie

Volgens Newton’s wet van afkoeling is de snelheid waarmee een voorwerp afkoelt evenredig met het verschil in de temperatuur van het voorwerp (TT) en de omgeving (T0T_0). We kunnen dit schrijven als:

Q˙=hA(T(t)T0),\dot{Q} = -hA(T(t) - T_0),

waarin

  • Q˙\dot{Q} de warmtestroom in W\mathrm{W},

  • AA het oppervlak waardoor koeling optreedt in m2\mathrm{m}^2,

  • hh de warmteoverdrachtscoëfficiënt in W/(m2K)\mathrm{W/(m^2 K)}.

Dit levert de differentiaalvergelijking

CT˙=hA(T(t)T0),C\dot{T} = -hA(T(t) - T_0),

met CC de warmtecapaciteit in J/kg\mathrm{J/kg}. Herschrijven met τ=ChA\tau = \frac{C}{hA} levert:

τT˙=T(t)T0,-\tau\dot{T} = T(t) - T_0,

met als oplossing:

T(t)T0=(T(0)T0)et/τ.T(t) - T_0 = (T(0) - T_0)\text{e}^{-t/\tau}.

We kunnen hieruit dus concluderen dat τ\tau de karakteristieke tijdsduur is waarin de temperatuur van de buis een factor e\text{e} verlaagd ten opzichte van de omgevingstemperatuur.

We zijn hier voor het gemak uitgegaan van een hh die onafhankelijk is van de temperatuur. We weten echter dat warmtetransport door straling niet lineair gaat, maar als

Q˙s=ϵσA(T4T04).\dot{Q}_s = \epsilon \sigma A (T^4 - T_0^4).

Voor kleine temperatuurverschillen (ΔT=TT0\Delta T = T - T_0) is dit te vereenvoudigen tot

Q˙s=ϵσA((T0+ΔT)4T04)ϵσ4AT03ΔT.\dot{Q}_s = \epsilon \sigma A ((T_0+\Delta T)^4 - T_0^4) \approx \epsilon \sigma 4A T_0^3 \Delta T.

Zolang ΔT\Delta T dus relatief klein is ten opzichte van T0T_0, kunnen we hh dus inderdaad als een constante beschouwen.

Methode en materialen

Ontwerp

Materialen

  • standaard met twee thermisch geïsoleerde grijparmen

  • metalen buis me bijpassende dop

  • thermometer (infrarood of thermokoppel)

  • knijper voor bevestigen thermokoppel op buis

  • warm water tussen 60 en 80 graden Celsius

  • (evt) schuifmaat voor bepalen dimensies buis

Procedure

Stop de buis in warm water en laat deze gedurende een paar minuten zitten om thermisch evenwicht te bereiken. Beantwoord ondertussen de volgende vragen met behulp van de tabel:

Materiaalρ\rho in kg/m3\text{kg/m}^3CC in J/(kg K)\text{J} / \text{(kg K)}
messing8,73E33,8E2
aluminium2,7E38,8E2
staal7,9E34,7E2
  • Buitenoppervlak: 7.89x10^-3 m^2

  • Warmtecapaciteit: 26,92 J/K voor deze buis

  • Omgevingstemperatuur: 21.6 graden C

Pak de buis op met thermisch isolerende handschoenen (of direct met de geïsoleerde grijparm) en plaats deze in de grijparm met isolatieschoentjes. Positioneer de thermometer voor optimale temperatuurlezing. Meet als functie van tijd hoe lichaam koelt. Wacht voldoende lang zodat je de karakteristieke tijd τ\tau voor de afkoeling kan bepalen.

Data analyse

  • Bepaal de karakteristieke tijd τ\tau waarin de temperatuur van buis afneemt. Deze kan verschillend zijn voor de drie bovenstaande configuraties.

  • Bereken hieruit de warmteoverdrachtscoëfficiënt.

  • Vergelijk je resultaten met je groepsgenoten die een vergelijkbare buis hebben gemeten (dit kan klassikaal).

  • Welk deel van de warmteoverdrachtscoëfficiënt verwacht je dat gegeven is door de geleiding, straling en convectie? Onderbouw je redenering.

Resultaten

# Partner bij dit practicum: Korné Hoendervangers
# Hier de data en de analyse

import numpy as np
import matplotlib.pyplot as plt
from scipy.optimize import curve_fit
import pandas as pd

#buis met dop
df = pd.read_csv("koelbuis.csv",delimiter=',')
Tijd = df["Tijd_dop"].to_numpy()
Temps = df["Temp_dop"].to_numpy()

#definieren functie en waardes
def exp_func(t, A, tau, T_omg):
    # tau is de karakteristieke tijd voor de koeling
    return (A * np.exp(-t/tau) + T_omg)  

buitenoppervlak = 0.01531 # bepaal zelf in m^2
warmtecapaciteit = 26.925 # bepaal de warmtecapaciteit in J/K


# pas beginwaardes aan naar schatting
# Het aantal maxfev moet wellicht hoger voor goede convergentie van de waarde
popt, pocv = curve_fit(exp_func, Tijd, Temps, p0=[20, 100, 20], maxfev=10000)
A_exp, tau_exp, T_omg_exp = popt

y_fit = exp_func(Tijd, *popt)
plt.figure()
plt.xlabel('Time [s]')
plt.ylabel('Temperature [K]')

plt.plot(Tijd, Temps, 'bo', label='measurement')
plt.plot(Tijd, y_fit, 'r-', 
         label='$T = %0.2f e^{-t/%0.4f} + %0.2f$' % (A_exp, tau_exp, T_omg_exp))

plt.legend()
# Sla figuren op met  
# 
# plt.savefig("Figuren/naam.png", dpi=450)


h_exp = (warmtecapaciteit) / (tau_exp * buitenoppervlak)
 
print('De warmteoverdrachtscoëfficiënt met dop is gelijk aan', h_exp, 'W/m^2 K') # warmteoverdrachtscoëfficiënt in W/m^2 K
De warmteoverdrachtscoëfficiënt met dop is gelijk aan 19.8323921670369 W/m^2 K
<Figure size 640x480 with 1 Axes>
Tijd2 = df["Tijd"].to_numpy()
Temps2 = df["Temperatuur"].to_numpy()
Tijd2 = Tijd2[:60]
Temps2 = Temps2[:60]

def exp_func2(t, A, tau, T_omg):
    # tau is de karakteristieke tijd voor de koeling
    return (A * np.exp(-t/tau) + T_omg)  

popt2, pocv2 = curve_fit(exp_func2, Tijd2, Temps2, p0=[20, 100, 22.4], maxfev=10000)
A_exp2, tau_exp2, T_omg_exp2 = popt2

y_fit2 = exp_func2(Tijd2, *popt2)

plt.figure()
plt.plot(Tijd2,Temps2,'k.')
plt.plot(Tijd2,y_fit2,'g--',
         label='$T = %0.2f e^{-t/%0.4f} + %0.2f$' % (A_exp2, tau_exp2, T_omg_exp2))
plt.legend()
plt.show()

h_exp2 = (warmtecapaciteit) / (tau_exp2 * buitenoppervlak)
 
print('De warmteoverdrachtscoëfficiënt zonder dop is gelijk aan', h_exp2, 'W/m^2 K') # warmteoverdrachtscoëfficiënt in W/m^2 K
<Figure size 640x480 with 1 Axes>
De warmteoverdrachtscoëfficiënt zonder dop is gelijk aan 15.667504516277194 W/m^2 K

Discussie en conclusie

Discussie

Bij de proef met de dop op de buis is de warmteoverdrachtscoëffciënt gelijk aan 19.8 W/m^2 K. Bij de proef met de buis zonder dop is het gelijk aan 15.7 W/m^2 K. Dit is bijzonder, want volgens verwachtingen zou de warmteoverdrachtscoëfficiënt lager moeten zijn wanneer de buis een dop heeft, dus meer geïsoleerd is. Deze fouten zouden veroorzaakt kunnen zijn doordat de temperatuur op één specifiek punt werd gemeten, en dus niet de temperatuur over de gehele binnenkant van de buis gebruikt is. Daarnaast was het ook moeilijk om op tijd de temperatuur af te lezen, aangezien er in korte intervallen gemeten werd. Deze punten kunnen zorgen voor onnauwkeurigheden in de meting. Een andere theorie voor de fout in de waardes is dat de fit niet exact klopt omdat er veel variabelen gefit worden. De bepaalde omgevingstemperatuur is te hoog, bij beide rond de 26 graden Celsius, terwijl deze in het echt 21.7 graden Celsius was. Een foute fit geeft een verkeerde waarde van tau, waardoor de warmteoverdrachtscoëfficiënt ook verkeerd berekend wordt.

Conclusie

Dit experiment is uitgevoerd met het doel om de karakteristieke tijd tau te bepalen waarin de temperatuur van een buis afneemt, en hiermee de warmteoverdrachtscoëfficiënt te bepalen. Hiervoor werd een aluminium buis met een buitenoppervlakte van 7.89x10^-3 m^2 en een warmtecapaciteit van 26,92 J/K opgewarmd in warm water, waarna het werd geplaatst in een grijparm en de temperatuur werd gemeten als functie van de tijd. De proef werd twee keer uitgevoerd, eerst met de dop op de buis en daarna zonder. Voor de buis met dop is een tau gevonden van 88.7 seconden en een warmteoverdrachtscoëfficient van 19.8 W/m^2 K. Voor de buis zonder dop is een tau gevonden van 112 seconden en een warmteoverdrachtscoëfficient van 15.7 W/m^2 K. Deze resultaten zijn problematisch, aangezien het onrealistisch is dat het warmteoverdrachtscoëfficiënt bij een buis met dop hoger is dan een buis zonder dop. Dit zou veroorzaakt kunnen zijn door onnauwkeurigheid in de metingen door onnauwkeurige aflezingen en door niet de temperatuur over de gehele buis te nemen, en door fouten in de fit door teveel variabelen. In een vervolgonderzoek zouden er meer metingen gedaan kunnen worden waarbij de thermometer verplaatst wordt over de buis, en het gemiddelde genomen van de verschillende metingen.